Economische vakken
De doelstelling van het vak economie.
Het vak economie op de middelbare school bereidt leerlingen voor op een adequate deelname aan het maatschappelijke verkeer. Dit betekent dat leerlingen met behulp van concepten en contexten de economische verschijnselen in de maatschappij begrijpen; verschijnselen waar ze als persoon in de verschillende rollen binnen huishouden, bedrijven of overheidsinstellingen mee te maken krijgen en waarbinnen zij beslissingen moeten nemen. Of waar zij als lid van de samenleving mee in contact komen. Het gaat dus niet alleen om vakkennis en een beeld van economische vervolgopleidingen, maar bovenal waar je economische kennis, in welke hoedanigheid dan ook, tegenkomt en hoe je aangeleerde kennis kunt gebruiken. Dat kan bijvoorbeeld zijn bij de aanschaf van een huis, het opstarten van een eigen bedrijf, bij CAO-onderhandelingen of bij de verdeling van zorgtaken.
Vanaf 2012 stroomt een ander type student de economiefaculteiten van hbo en universiteit binnen. Studenten met andere economische kennis en vaardigheden. Het nieuwe examenprogramma havo/vwo volgens Teulings ordent de lesstof met behulp van acht kernconcepten die in wisselende situaties of contexten hun meerwaarde bewijzen. Deze kernconcepten, onderverdeeld in begrippen, zijn: schaarste, ruil, markt, ruilen over de tijd, samenwerken en onderhandelen, risico en informatie, welvaart en groei, goede tijden slechte tijden. Een leerling moet kennis hebben van deze concepten om de economische wereld te begrijpen. Naar school gaan, onderwijs volgen en behoorlijke cijfers halen, is een inspannende en tijdrovende bezigheid. Economen zien deze inspannende bezigheid als een investering in menselijk kapitaal waarmee we de welvaart en het welzijn van de wereld kunnen bevorderen. Naast de kernconcepten staat dus de doelstelling van het vak economie.

